
De zuigsnuit en de vorm van de "omgekeerde Zuid-Amerika" schildjes boven de ogen wijzen op deze algemene soort, hoewel determinatie hier nooit zeker is. De zeer algemene soort globosa heeft schildjes die breder uitlopen en elkaar tussen de ogen bijna raken. (1) De ogen zijn dubbelogen, mijten hebben vier ogen en die zijn hier in twee groepjes geplaatst. Dit is op deze foto niet te zien. Veel Hydrachniden zijn bol, allen hebben een rostrum, de zuigsnuit die hier ook zichtbaar is. De scherpe cheliceren zitten in deze snuit opgeborgen en samen vormen ze een specialistisch orgaan voor het uitzuigen van insecteneitjes, vooral die van duikerwantsen. (2)
Duikerwantsen zijn ook het slachtoffer van de larven van Hydrachna soorten, die zich aan de poten of het lichaam van de wantsjes hechten en lichaamssappen opzuigen. De larven van deze conjecta soort hechten zich aan de onderkant van de dekvleugels.(2)
Hieronder een donkerder en kleiner exemplaar, dat op 7 juni 2010 gevonden werd in een communicerende sloot. Mogelijk is dit een nimf van deze soort.

LITERATUUR
1) De Nederlandse Watermijten - A.J. Besseling
2) De watermijten (Hydrachnellae) van Nederland - C. Davids
3) Atlas van de Nederlandse watermijten