De larven van de pieptor zijn heel eigenaardig en sterk verschillend van de larven van de Dytiscidae. Zelf heb ik ze, ondanks naarstig zoeken, tot op moment van schrijven niet gevonden. Ik was dan ook dankbaar dat ik een paar foto's van mevr E. Stegeman-Broos mocht gebruiken om het verhaal over deze kever op de website aan te vullen.


Bij de fraaie keverlarven tekeningen van Schiødte (1861), zijn onder "PELOBIUS HERMANNI F." ook een aantal van deze kever te vinden. Enkele daarvan op deze web pagina. De meeste linkse tekening stelt de pas uit het ei gekomen Hygrobia larve voor, die in werkelijkheid uiteraard (veel) kleiner is dan de volgroeide larve op de tekening rechts daarvan.
De jonge larve heeft blijkbaar een relatief grote kop, ik hoop dat nog eens te zien. De oudere larve is treffend getekend, dat geldt ook voor de zijaanzicht tekening hieronder, zie de foto's.
Balfour-Browne (1922) maakte ook een aantal mooie tekeningen van de larve, waaronder een aantal bovenaanzichten, waarmee hij het verschil in kleurintensiteit van de vlekken liet zien.
Hieronder Schiødte's (1861) tekening van de volwassen larve van opzij gezien. Ik heb hem zo gedraaid, dat hij ongeveer horizontaal ligt. Zo is goed te zien, dat het een behoorlijk natuurgetrouwe schets is. De drie kieuwaanhangsels aan de staart zijn even lang getekend, maar op de foto zien we twee kortere en één lange.

Literatuur: Zie de lijst op de eerste pagina.